Vragen over vervoer van gevaarlijke stoffen
Eind juni 2009 veroorzaakt een goederentrein met gevaarlijke stoffen een grote ramp in de Noord-Italiaanse stad Viareggio. Twee treinwagons gevuld met het vloeibare gas lpg ontploften rond middernacht in het centrum van de stad. De explosie was zo krachtig dat de vlammenzee huizen aan een nabijgelegen straat heeft getroffen in een straal van 300 meter rond de goederentrein. Tenminste twee gebouwen zijn door de kracht van de explosie ingestort. De ramp heeft aan 24 mensen het leven gekost. Een mogelijke oorzaak van de ramp is achterstallig onderhoud. De as van de ontspoorde treinwagon was gedeeltelijk verroest.
In Nederland rijden ook goederentreinen met lpg, het autogas dat afgelopen juni in Italië een ontploffing van een treinwagon veroorzaakte. Via de Nederlandse havens wordt zo’n twee miljoen ton lpg per jaar ingevoerd en per schip en trein naar België en Duitsland vervoerd.
Op 17 juni 2003 ontspoorde in Halfweg een ammoniaktrein, waarbij een scheur ontstond. Als toen een lek was ontstaan, had dat mogelijk honderden levens kunnen kosten.
In ruim een kwart van alle goederentreinen die in 2008 door Nederland reden (22.500 van de 86.000) zaten gevaarlijke stoffen. Hiervan waren er 4400 geladen met het explosieve lpg. Dat blijkt onlangs uit een opgave van spoorbeheerder Prorail.
De PvdA-Statenfractie wil de risico’s van transport van gevaarlijke stoffen per goederentreinen in druk bevolkte gebieden in Noord-Holland in kaart laten brengen en de veiligheid van omwonenden waarborgen en daarom stellen mijn collega Gohdar Massom en ik de volgende vragen aan Gedeputeerde Staten:
Vragen
1. Worden door Noord-Hollandse woongebieden gevaarlijke stoffen per goederentreinen vervoerd?
2. Zo ja, wat zijn de vervoersstromen, door welke (woon)keren vinden die plaats, welke categorie gevaarlijke stoffen zijn en wat zijn de hoeveelheden?
3. Wat is de kans op een ramp of een incident met een trein met gevaarlijke stoffen in Noord-Holland? en wat zijn de risicogebieden?
4. Welke veiligheidsmaatregelen zijn genomen om een ramp met een goederentrein voor gevaarlijke stoffen in druk bevolkte woongebieden in Noord-Holland te voorkomen? Zijn deze maatregelen voldoende? Indien ja, hoe onderbouwt u dat?
5. Zijn de omwonenden binnen een straal van 250 meter van de desbetreffende spoorlijnen op de hoogte gesteld van mogelijke risico’s die ze kunnen lopen als gevolg van calamiteiten met goederentreinen met gevaarlijke stoffen?
6. Zijn de hulpdiensten voldoende voorbereid op eventuele rampen/incidenten? Indien ja, hoe en is de coördinatie van de verschillende hulpdiensten goedgeregeld?
Gedeputeerde Staten zullen de gestelde vragen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen 30 dagen na binnenkomst, beantwoorden.


